Naar de kermis

Dinsdag 23 mei 2017

Wat een heerlijke rustige nacht en wat boffen we dat het onbewolkt is vanochtend. Ik denk dat we veel schoonheid zouden missen, als het tijdens de rit van vandaag bewolkt was.

Het witte wegje is prima om te doen, behoorlijk asfalt met af en toe een stukje onverhard. Rustig ook. Er zijn wel behoorlijk wat stenen op de weg gevallen, je moet er niet aan denken wat er van de berg komt als de aarde hier beeft. Vangrails of muurtjes langs de weg doen ze niet aan. Stukje weg in de afgrond verdwenen? Lekker belangrijk!
De weg loopt over de hele afstand langs een rivier of beter gezegd, langs twee rivieren. Want een rivier die ineens van stroomrichting verandert, gaat zelfs Iran te ver. Ik had jullie graag de naam van één van de stromen gegund, maar de naam staat zo klein gedrukt op de kaart, dat ik het niet kan lezen.

Lekker wakker worden

What’s your name?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

We genieten van de bergen en de mooie uitzichten. Hoe verder we komen, hoe meer zicht we krijgen op de echte toppers, waar nog sneeuw op ligt.
In het Noorden van het land zien de dorpen er totaal anders uit dan in de rest van Iran. Ook hier zijn de huizen van steen met metalen daken in allerlei felle kleuren: rood, geel, blauw. Nu en dan knalt er een gouden moskeekoepel in het zonlicht.
Door de rivieren liggen de dorpen mooi in het groen, dat een fantastisch contrast vormt met de kale ruigte van de bergen.
Als we uitstappen om koffie te drinken, ruiken we de eglantieren, en in de populieren bij het dorp horen we de wielewaal. We hebben hem eerder gehoord, maar volgens mij is hij toen geen vogel van de dag geworden om reden van te zware concurrentie. Vandaag is het zover.

Inkopen doen we halverwege, in Baladeh. Een mooi dorp, zo eentje waar je doorheen kijkt: als je er midden in staat, zie je aan beide einden van de straat de bergen liggen. Daar houden we van. Na dit dorp stijgt de weg nog verder en we nemen een paar behoorlijke passen. Ik denk dat we niet ver van de 3000 meter zitten. In elk geval ver boven de boomgrens, hier en daar liggen resten sneeuw van een paar meter dik en er waait een harde, snijdend koude wind. Dat is lunchen met de schuifdeur dicht.
Alleen wintersportgebied, zoals ik las? Geen lift gezien, wel één keer een waarschuwingsbord met een skiër er op. Ik denk dat het echte skigebied iets zuidelijker ligt; dichter bij Teheran.

Doorkijkdorp

Noordelijk dorp

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Na Dunay buigen we naar het Zuiden richting Karaj. Daar beginnen de tunnels. Eerst een erg lange, die op de kaart staat als Kandovan Pass tunnel, gevolgd door een stuk of zes andere. Zeker de langere zijn levensgevaarlijk. Smal, tweebaans, de verlichting is zwaar onvoldoende, waardoor je de lelijke kuilen in het wegdek niet ziet, grote plassen lekwater en langs de wanden liggen rotsblokken, die af en toe te dicht op de rijbaan zijn geschoven.
Na de tunnels begint er een ware kermis langs de weg: tientallen kilometers aaneengeregen vertier in de vorm van een soort pretparken, restaurants, snackbars, winkels en zaakjes waarvan wij niet eens weten wat ze voorstellen of verkopen. Bij elke uitspanning staat een man naast de weg te zwaaien met een bordje of een rode knuppel om de mensen te verleiden daar te stoppen.
Op beide rijbanen, heen en terug, is een ononderbroken sliert auto’s onderweg, alsof half Teheran op weg naar het Noorden is en de andere helft op de terugweg. Ongelofelijk, stapelgek word je er van.
Toch stoppen ook wij bij een WiFi-restaurant, omdat er nog twee verslagen voor het blog op de plank liggen. Helaas, te zwak signaal voor het blog. Er zit waarschijnlijk niks anders op dan een goed hotel zoeken. De mensen zijn er aardig en Gerda heeft een gesprekje met één van hen. Hij wil uiteraard weten waar we vandaan komen en vertelt:
“My sister lives in France”.
“Wouldn’t you like to live abroad”? vraagt Ger.
“Absolutely”, is zijn antwoord, waarna hij overgaat tot de orde van de dag.

Koude pas

Contrast

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ik wissel nog een laar zinnen met een meisje van hooguit een jaar of tien, die voor hier ongebruikelijk is gekleed in een T-shirt en legging met legergroen camouflagemotief. Ze spreekt vloeiend Engels, geweldig en bij het weggaan zegt ze keurig: “Have a nice day”.
Haar moeder zie ik met ‘bloot’ haar lopen en pas als ze naar de auto gaan, frommelt ze een stuk sjaal over haar achterhoofd.
De man met de zus in Frankrijk woont zelf in Karaj en omdat we daarheen gaan, vraag ik of hij er hotels weet met snelle WiFi. Want pas toen ik zei dat het niet werkte voor mijn blog, gaf hij toe dat er een zwak signaal is hier. Hij geeft twee namen, we zien wel wat we er mee doen.

Het is een uur of half vijf geworden en we zijn het extreem drukke verkeer en de beschadigde weg zat. Het zal alleen niet makkelijk zijn om in dit overbevolkte gebied een rustige slaapplaats te vinden. We komen terecht op een soort brede parkeerstrook langs een parallelweg van de doorgaande route. Veel verkeerslawaai dus. Naast ons is een moskee: we staan nog niet of de parkeerplek begint vol te lopen met auto’s van al dan niet gelovige mannen. De auto naast ons stond er al toen we aankwamen. De motor draait, waarschijnlijk voor de airco en de bestuurder ligt met z’n stoel horizontaal te slapen.

Indrukwekkend

Iran en zijn monumenten

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gerda had al voor we hier stopten, gezien dat er vlak bij een openbaar toilet is. Wim heeft geluk, want als Ger na hem gaat, is de boel op slot.

Menu van de dag: kipfilet met ui, gember, knoflook, cajunkruiden. Sperziebonen en gebakken aardappelen.

Vogel van de dag: duifje bij de auto.

Als de moskee uitgaat, zitten we in de auto van Wim te eten en trekt onze aanwezigheid wederom de nodige aandacht. Het hefdak speelt daarin zoals altijd een belangrijke rol. Twee mannen durven het aan om tijdens de maaltijd Wim uit de bus te wenken om een foto met hem te maken.

En wat te denken van de man die op de weg staat naast zijn tapijt, dat doordrenkt is met sop en waar hij alle auto’s overheen laat rijden?

2 thoughts on “Naar de kermis

  1. Wat ik me herinner uit de gesprekken met Iraanse vluchtelingen uit Teheran is dat ze vaak de bergen in gingen om te ontsnappen aan de lange arm van het regiem. Daar waren ze vrijer. Daar moet ik aan denken als ik dit verslag van jou lees.
    Wij zijn alweer sinds zondag thuis. We hebben leuke weken gehad in zeeland en het weer viel ook niet tegen al is het nu over het algemeen wel warmer.
    Goede reis maar weer verder.

    • O, ja dat zou heel goed kunnen! En hoe beviel de caravan en de auto natuurlijk! Groeten!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*
*
Website