Terug in de tijd

Vrijdag 24 mei 2024

Karadut, zo heet het dorpje hier en wij staan bij Pension Karadut. Gisteravond zou ik het niet geweten hebben; op weg hier naar toe en bij aankomst, waren we zo in beslag genomen door ‘waar komen we terecht, wordt het wat’ etc. dat we plaatsnamen die niet op de kaart staan, slecht in ons opnemen en vergeten. Het werd ons niet eens duidelijk of Nemrut nou ook een dorp is, of alleen de naam van het gebergte. Alles wat we zien, is een bruin richtingbord met die naam en bruin is voor bezienswaardigheden, zoals ik eerder schreef. We besloten, want geen andere keus, om dat bord te volgen en dan zouden we het wel zien… Onderweg was het nog eens heel verwarrend omdat de weg splitste en er bij beide wegjes een bord ‘Nemrut’ stond. Op het gevoel maakten we blijkbaar de goeie keus, tegen het advies van Mapsje in. 

Daar sta je dan. De entree van het toiletgebouw, 4 hurktoiletten en 1 douche, is een open soort voorportaal, waar de vogels met een rotvaart in- en uitvliegen, zo snel, dat ik niet eens kan zien of het zwaluwen zijn of andere. Vanuit mijn zitplaats in de bus, kijk ik de (net niet meer?) volle maan recht in het ronde gelaat.

De trap

Wat er groeit en bloeit

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

“Misschien kunnen we boven slapen”, oppert Gerda. Ik heb er ook al aan gedacht. Geen gek idee tot….ineens de imam begint te roepen. We waren hem vergeten. De moskee staat aardig op afstand, dus zó hard klinkt het nou ook weer niet, maar toch moet ik niet denken aan dat geblèr voor dag en dauw. Daar komt bij dat er mogelijk veel auto’s voor zonsopgang de berg zullen bestijgen en wie weet, gaan de motorrijders die hier in pension zijn om 4 uur hun motoren starten om de zonsopkomst vóór te zijn. Lekker beneden slapen dus. 

17° bij het opstaan na een rustige nacht. Ja er was onder de ochtend wat te horen, maar als ik niet al wakker was geweest, had ik er best doorheen kunnen slapen. Ik denk dat de motorrijders door een auto werden opgehaald om naar de berg te gaan. De eigenaar van het pension heeft vast gezegd: alles goed, maar niet om 4 uur die motoren starten, dat kan ik niet maken tegenover de andere gasten 😉

Voor we zelf wegrijden, biedt de jongeman van het pension aan om ons in een personenauto naar de site te brengen, tegen betaling uiteraard. Geen zin in; dan zitten we vast aan een tijd waarop we  worden opgehaald en we willen daar niet op ons horloge moeten kijken, op dat van Gerda dan. Bovendien is het leuk om zelf te rijden, we zijn benieuwd hoe die 12 kilometers naar de parkeerplaats eruit zien. Nou, vrij goed. Voor hier een prima weg van betonstenen, zoiets, zonder verraderlijke valkuilen. De weg is over ‘t algemeen breed genoeg, ik rijd veel in z’n 2, soms 3 en zelfs heel even 4. Geen vangrail, alleen op de plekken waar het een beetje eng is: smal, steil, bocht. Op de eerste grote parkeerplaats zijn we de derde auto, zo zien we het graag.

Ze zijn hun hoofden kwijt

De weg…

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gerda gaat toegangskaarten kopen in het Museum, annex cafetaria, restaurant en WC. Het ziet er aan de buitenkant goed en modern uit voor hier. Na een kaartcontrole door de parkeerwachter, mogen we door naar de volgende parkeerplaats, 2 kilometer verder omhoog. Ook daar staan weinig auto’s. 

Het is intussen hard gaan waaien en een stuk kouder dan waar we vandaan komen. Met onze jacks aan beginnen we aan de klim naar het oostelijke plateau, er zijn twee keuzes en je moet wat. We doen wat de andere bezoekers doen, die er mogelijk meer vanaf weten dan wij. Onze campingbuurman Barrie zei gisteren ‘en vanaf dat 2e parkeerterrein is het nog maar 100 meter lopen’. Nou….één ding is zeker: in afstanden schatten is hij geen expert. We beginnen aan een steile, lange klim van..tja…volgens de ‘boeken’ 700 meter. Meest over een behoorlijk aangelegde trap maar, de laatste loodjes wegen het zwaarst, ook gewoon over grind en stenen. Gerda, met haar hoogtevrees, heeft letterlijk en figuurlijk veel steun aan de wandelstok die ze van Wijnie en Anneke kreeg: “Zonder had ik het niet gedurfd”.

Wat zou het zijn zonder wolken?

Hoe mooi!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

We vinden het niet erg dat er geen stralend blauwe lucht is, integendeel, de wolkenpartijen maken het landschap mooier. We genieten volop en dan hebben we de overblijfselen van deze nederzetting nog niet eens gezien. Wat mooi en indrukwekkend zijn die! We hebben in de loop van onze reiscarrière best mooie sites bezocht en deze mag direct in de top worden opgenomen. Er zijn sculpturen van Griekse, Armeense en Perzische goden, leeuwen en adelaars. Door aardbevingen zijn die van hun lichamen gevallen. En of ik alles met de juiste namen benoem…geen idee. Ook zien we een grafheuvel in de vorm van een piramide, waarin waarschijnlijk koning Antiochus Theos (69-40 voor Christus) ligt. Iedereen is het daar echter niet mee eens. 

De route loopt om de berg (2150 m. hoog) heen met, nogmaals, prachtige uitzichten, die steeds veranderen in het wisselende spel van licht en schaduw. Dit zullen we niet vergeten.

We krijgen er geen genoeg van

Om een uur of 2 zijn we thuis en hebben trek. Brood, tomaat en gebakken ei buiten aan de geïmproviseerde campingtafel. 

Barrie (Barry?) en Willeke informeren later, nadat ze klaar zijn met hun werk, naar onze indrukken en ervaringen en we praten een tijdje met elkaar o.a. over hoe zij, als betrekkelijk jonge mensen, omgaan met hun leven. Ze hebben allebei hun baan opgezegd. Zij werkt nu deeltijd als zzp’er, ook vanaf hier en hij ‘doet iets met grafisch ontwerp’. We zijn daar verder niet heel diep op ingegaan. 

Gerda doet een wasje, ik zet thee en ga schrijven. De wolken verdwijnen, de wind blijft…heerlijk! 

Menu van de dag: wordt iets met wortelen en gerookte zalm. Verder weet ik het nog niet. Ik ben er steeds zo vaag over omdat dit de eerste reis is, dat ik voor het eten mijn verhaal schrijf. 

Vogel van de dag…let op!!! (In het Turks: dikkat!): Perzische roodborst!! 

Kijk ook op: https://vogelpunt.wordpress.com/2013/05/22/nemrut-dagi-cultuur-en-natuur/

Wij staan bij het pension, dat je daarop ziet. Ook daar wordt de Perzische roodborst genoemd. 

De motorrijders zijn vertrokken, het is een Nederlands onderonsje hier.

 

 

 

 

 

4 thoughts on “Terug in de tijd

  1. Heel bijzonder! Ik begrijp dat je dat niet gauw vergeet, jullie hebben er ook een eind voor moeten rijden 😄

  2. Super, dat je jullie de berg op zijn gegaan, voor ons was het ook een van de mooiste sites, magisch zelfs.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*
*
Website